Jongeren Informatie
Punt Amsterdam-Noord
020 333 9222
info@jipnoord.nl

Wonen

Onderzoek huisvesting jonge moeders

Onderzoek naar huisvestingsproblematiek jonge moeders zonder hulpvraag in Amsterdam.

Het afgelopen half jaar is onderzoek uitgevoerd naar de huisvestingsproblematiek onder jonge moeders zonder hulpverleningsvraag in Amsterdam. Uit het onderzoek komt naar voren dat deze jonge moeders minder toegang tot de sociale woningmarkt hebben dan hun leeftijdsgenoten zonder kinderen. Twee studenten van de Universiteit van Amsterdam en de Hogeschool van Amsterdam hebben meer inzicht gegeven in de oorzaak van dit probleem en mogelijke oplossingen die voorhanden zijn. In het onderzoek is ingegaan op de problemen en mogelijkheden die jonge moeders zonder hulpverleningsvraag ondervinden en in hoeverre er passend beleid bestaat voor deze doelgroep in Amsterdam.

Doelgroep
De doelgroep van het onderzoek is de groep jonge moeders zonder hulpvraag in de leeftijdscategorie van 18 en 23 jaar. Hoewel de opdracht voor het onderzoek in eerste instantie kwam vanuit stadsdeel Noord is besloten om heel Amsterdam als onderzoeksgebied te nemen.

In Amsterdam wonen in totaal ongeveer 2000 jonge moeders. Het grootste gedeelte van deze jonge moeders wonen in Amsterdam Noord, Zuidoost en Nieuw-West. Veel jonge moeders in Amsterdam vallen binnen de etnische groep ‘niet -westerse allochtonen’. Hierbinnen vormen de Turkse en Marokkaanse vrouwen een meerderheid, met een aantal van 660 moeders. De groep Surinaamse en Antilliaanse moeders is iets lager met een aantal van 620. De autochtone groep moeders is relatief laag en bedraagt ongeveer 270 moeders. Van de ongeveer 2000 jonge moeders zoekt de helft hulp van verscheidene aard. De andere helft van de jonge moeders maakt echter geen duidelijke hulpvraag kenbaar. Over het algemeen wordt de groep jonge moeders wel gekenmerkt door beperkt economisch, cultureel en/of sociaal kapitaal, wat de mogelijkheden op o.a. de woningmarkt vermindert.

Jonge moeders zonder hulpvraag ervaren echter regelmatig problemen met het vinden van geschikte woonruimte. Door een beperkt aanbod van geschikte woonruimte weten deze jonge moeders vaak niet waar ze naartoe moeten en volgen ze vaak een chaotisch woonpad. Dit wordt als psychisch zwaar en belastend ervaren, wat leidt tot stressverhogende situaties en een onstabiele situatie voor het kind. Dit leidt er in sommige gevallen zelfs toe dat de jonge moeders juist in de hulpverlening terecht komen.

Wet- en regelgeving op de woningmarkt
In Amsterdam heerst krapte op de woningmarkt. wat het vooral voor jongeren moeilijk maakt om geschikte woonruimte te vinden. De gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning is 8,2 jaar, terwijl de maandelijkse huur voor vrije sectorwoningen voor velen te hoog is. Er zijn echter wel speciale huisvestingsprojecten voor jongeren die de slechte toegang tot de woningmarkt deels ondervangen. Met huurcontracten in de vorm van campuscontracten, jongerencontracten en tijdelijke verhuur wordt ruimte gegeven aan jongeren. Deze vormen van huisvesting blijken door beleid van de corporaties echter niet toegankelijk voor jonge moeders met een kind.

In het onderzoek is dit beleid van de Amsterdamse corporaties onderzocht en getoetst aan de wet- en regelgeving. Uit de wettelijke bepalingen blijkt dat de corporaties de vrijheid hebben om zelf beleid te maken dat valt binnen het Besluit Beheer Sociale Verhuur (BBSV). Daarnaast beoordeelt de gemeente de presentaties van de corporaties en maakt zij afspraken over de gewenste prestaties. De gemeente stuurt op een zachte manier het beleid van de corporaties, in de vorm van overleg en overtuiging. De corporaties lijken via deze weg dus vrij om jonge moeders te weren bij vormen van jongerenhuisvesting.

In het onderzoek is het jongerencontract ook getoetst aan de gronden van de Algemene wet gelijke behandeling (WGBL) en aanverwante wetten. Corporaties stellen in het jongerencontract een leeftijdseis, wat in beginsel niet verboden is op basis van de WGBL. Tevens hebben de corporaties als beleid dat vrouwen met kinderen niet worden toegelaten in de jongerenwoningen. Dit voelt als discriminatie, maar in de WGBL is niets specifieks te vinden, waarmee dit direct aangetoond kan worden. De grond die het dichtst in de buurt komt is dan discriminatie op basis van geslacht. Het geslacht blijkt echter voor de corporaties geen rol te spelen, maar alleen het hebben van een kind. Mannen met een kind worden immers ook uitgesloten.
Een argument wat wordt aangedragen op de website van WoningNet is dat de woningen die aangeboden worden met een jongerencontract niet geschikt zijn voor een gezin. Hiermee wordt op de oppervlakte van de woning gedoeld, wat echter wettelijk gezien geen belemmering is voor bewoning met kind. Het argument van de corporaties dat de woning niet geschikt is voor bewoning met een kind is zodoende een mening, die niet gestaafd is op een wettelijke basis. Hoewel er dus geen wettelijke basis voor is, betekend dit niet gelijk dat het argument niet juridisch houdbaar is. De gegeven afwijzingsgronden die corporaties voeren om jonge moeders te weren bij jongerencontracten lijken dus discutabel, maar zijn in theorie niet juridisch onhoudbaar. Wel zorgt het voor een ongelijke situatie op de woningmarkt. Het wordt de jonge moeders immers moeilijker gemaakt dan andere jongeren van dezelfde leeftijd in Amsterdam.

Gemeente
In het onderzoek zijn er een aantal interviews gehouden met medewerkers van de gemeente Amsterdam. Uit de interviews kwam naar voren dat de groep jonge moeders zonder hulpvraag op dit moment geen urgentie heeft, waardoor er vanuit de gemeente geen extra voorzieningen worden aangeboden. Op dit moment zijn er andere doelgroepen die meer urgentie behoeven, die een duidelijkere hulpvraag hebben en beter zichtbaar zijn. De focus van de gemeente ligt dan ook ten eerste op het huisvesten van deze andere doelgroepen, waardoor er geen politieke prioriteit gegeven wordt aan de groep jonge moeders zonder hulpvraag.

Corporaties
Gedurende het onderzoek zijn er ook interviews met medewerkers van corporaties afgenomen. Uit de interviews komt naar voren dat voor de specifieke groep jonge moeders zonder hulpvraag weinig tot geen aanbod is vanuit de corporaties. Ook in de interviews met corporatiemedewerkers kwam naar voren dat er andere groepen zijn die meer urgentie behoeven. Er is dan ook geen specifiek aanbod voor deze groep. Redenen die gegeven worden om jonge moeders niet in aanmerking te laten komen voor jongerenhuisvesting zijn divers. Zo wordt aangegeven dat de grootte van de woningen niet geschikt zou zijn voor een gezin en wordt aangegeven dat kinderen een bron van overlast zouden kunnen zijn. Ten slotte wordt als belangrijk argument gegeven dat een tijdelijk contract niet geschikt is voor een gezin met kinderen. De corporaties voorzien problemen aan het einde van het contract, omdat dan de kans bestaat dat het gezin op straat komt te staan.

Conclusies en aanbevelingen
Uit bovenstaande blijkt dat er restricties bestaan bij het huisvesten van jonge moeders zonder hulpvraag. Hoewel vanuit de gemeente en de corporatie wordt aangegeven dat er geen specifiek beleid wordt gevoerd voor deze doelgroep, blijkt dat er juist restricties bestaan die de kansen van jonge moeders bij het vinden van woonruimte sterk beperken. Zowel gemeente als corporaties geven aan geen beleid te willen voeren op deze groep, maar doen dit dus indirect wel door deze groep uit te sluiten. Hoewel de corporaties wettelijk gezien vrij lijken om dergelijk beleid te voeren, lijken de bezwaren die aangevoerd worden voornamelijk gebaseerd op basis van vooroordelen en niet direct op feiten.

Doordat de gemeente alleen met zachte hand stuurt zijn de corporaties vrij zijn in het voeren van hun beleid. Een van de voor de hand liggende oplossingen die vanuit de gemeente wordt gegeven voor de problematiek is dan ook het bijbouwen van extra woningen, waardoor de krapte op de woningmarkt afneemt. Dit is echter een moeizaam en langzaam proces, wat niet op korte termijn effecten zal bewerkstelligen.
Het advies is dan ook om een duidelijke lobby te voeren bij verschillende afdelingen binnen de gemeente en corporaties. Door het agenderen van het probleem op verschillende niveaus kan aandacht worden verkregen. Een andere optie is om een duidelijke casus in te brengen bij het ‘college voor de rechten van de mens’. Mogelijk kan zo ander beleid worden afgedwongen. Hier zal echter wel een jonge moeder zich hard voor moeten maken.
Belangrijk is om te beseffen dat het uiteindelijk doel niet is om jonge moeders zonder hulpvraag een urgentieverklaring te geven op de woningmarkt, maar alleen om ze gelijke kansen te bieden als andere jongeren. De huidige restricties zullen dan echter wel moeten worden opgeheven.

Contact met JIP

Geopend ma-di-do-vr 12.00 en 17.00 uur.

Adres: Termini 22

Telefoon: 020-3339222

SMS of What’s App:
06 2326 0849

Stuur ons een E-mail

Like ons op

Tip!

Condooms? Bij het JIP koop je 10 condooms voor €1!

Evenement van de week

Welke evenementen zijn er in Noord?

Volg het op.